Verduurzamingsinterventies geneesmiddelen

Poliklinische zorg

Klimaatbewust voorschrijven van inhalatiemedicatie

Inhalatiemedicatie wordt gebruikt bij de behandeling van astma en COPD. In Nederland gebruiken jaarlijks ruim 1,4 miljoen mensen inhalatiemedicatie, waaronder luchtwegverwijders, zoals kort- en langwerkende β2-sympathicomimetica en parasympathicolytica, en inhalatiecorticosteroïden (1). Er zijn verschillende soorten inhalatoren beschikbaar, waaronder dosisaerosolen, poederinhalatoren en soft mist inhalatoren. Deze verschillen sterk in milieu-impact, omdat dosisaerosolen drijfgassen bevatten, zoals HFA-134a, wat een 1500 keer sterker broeikaseffect heeft dan CO₂ (2). 

In sommige landen worden al vaker poederinhalatoren voorgeschreven. Zo ligt het aandeel dosisaerosolen in Zweden het laagst (±10%), in Engeland het hoogst (±70%) en in Nederland rond de 50% (2, 3). Als Nederland het Zweedse voorbeeld zou volgen, kan een aanzienlijke hoeveelheid CO₂-uitstoot worden voorkomen (2, 3). Dit is haalbaar, omdat poederinhalatoren en soft-mistinhalatoren voor de meeste volwassen astma- en COPD-patiënten een effectief alternatief vormen, mits de inhalatietechniek correct wordt toegepast (4). Daarnaast zullen er in de komende jaren steeds meer dosisaerosolen op basis van duurzamere drijfgassen op de markt komen. Ook hiermee kan de broeikasgasuitstoot van inhalatiemedicatie worden teruggedrongen. 

Om artsen en apothekers te stimuleren om klimaatvriendelijk inhalatiemedicatie voor te schrijven is de Transmurale leidraad klimaatbewust voorschrijven van inhalatiemedicatie ontwikkeld door het Zorginstituut in samenwerking met huisartsen, longartsen, kinderartsen, apothekers en het Longfonds (4). Om daadwerkelijk impact te maken, vraagt de leidraad nog om opname in lokale formularia, zodat het grootschalige, onnodige gebruik van milieubelastende inhalatiemedicatie kan worden teruggedrongen.

Interventie

Voorkeur geven aan klimaatvriendelijke inhalatiemedicatie (poederinhalator, soft-mist inhalator of dosisaerosol op basis van een duurzamer drijfgas) bij starten van therapie, of waar mogelijk switchen van een traditionele dosisaerosol naar een klimaatvriendelijke inhalator*1.

Milieu-impact

Gemeten in CO2-uitstoot door het verminderen van het aandeel (traditionele*2) dosisaerosolen terug ten opzichte van klimaatbewuste inhalatoren, zoals poeder- en soft mist inhalatoren of een dosisaerosol op basis van een duurzamer drijfgas.

Werkwijze

1. Bepaal de populatie en formuleer een doelstelling

  • Inventariseer huidig beleid op geselecteerde afdeling/voor geselecteerde patiëntengroep(en):
    • Controleer in hoeverre lokale protocollen en/of formularia al rekening houden met duurzaamheid. 
    • Evalueer met poliklinische voorschrijfdata uit het EPD welk aandeel voorschriften een klimaatvriendelijke inhalator bevat (toolkit inhalator)? 
  • Formuleer SMART-doelstelling samen met (het green team van) betreffende afdeling(en). Bijvoorbeeld: binnen zes maanden start tenminste 70% van de volwassen astma patiënten met een klimaatbewuste inhalator.
    • Uit de literatuur blijkt dat Zweden een laag aandeel dosisaerosolen heeft: dit betrof in 2017 slechts 13% (2,3). In Nederland is dit circa 50%, waarbij sinds 2024 voor het eerst iets hoger aandeel dosisaerosolen wordt voorgeschreven (5).  Dit kan dienen als referentie voor het stellen van haalbare doelstellingen.
      • Het starten met een klimaatvriendelijke inhalator heeft de voorkeur als eerste stap, aangezien dit minder risico’s geeft dan het wisselen bij goed-ingestelde patiënten.
      • Houd hierbij rekening dat binnen bepaalde doelgroepen, zoals de kindergeneeskunde, vaker een indicatie is voor dosisaerosolen.

2. Implementatie

Deze interventie kan op meerdere manieren uitgevoerd worden afhankelijk van de voorkeur van het ziekenhuis. Ook een combinatie van verschillende werkwijzen is mogelijk. 

A. Tijdens poliklinisch consult

  • Presentatie klimaatbewust voorschrijven van inhalatiemedicatie, eventueel in combinatie met een klimaatbewuste maand, waarin je collega’s in de overdracht regelmatig herinnert aan klimaatbewust voorschrijven van inhalatiemedicatie.  
  • Betrek longverpleegkundigen gezien zij vaak de inhalatiecheck doen en daarmee kunnen beoordelen welke inhalator iemand kan gebruiken.
  • Indien gekozen wordt voor een switch zijn belangrijke aandachtspunten (zie ook aanbevelingen in de Leidraad klimaatbewust voorschrijven van inhalatiemedicatie):
    1. Het astma of COPD is stabiel
    2. De patiënt is goed geïnformeerd en gemotiveerd. Leg patiënten de keuze voor een klimaatbewuste inhalator uit, inclusief de voordelen voor milieu en gezondheid, bijvoorbeeld met de patiënt flyer.  
    3. Goede inhalatie-instructie en begeleiding door de (ziekenhuis- en poliklinische) apotheek en longverpleegkundigen om therapietrouw en juist gebruik te waarborgen.

B. Formularium

3.  Monitoring en evaluatie 

  • Controleer implementatie met behulp van poli)klinische voorschriften, zie ‘Werkwijze evaluatie van een geneesmiddelinterventie’ en toolkit inhalator. Bespreek (tussentijdse) resultaten regelmatig, bijvoorbeeld (twee)maandelijks, tijdens overdrachten, teamvergaderingen en/of onderwijs.
  • Reflecteer op resultaten ten opzichte van het gestelde doel, belemmerende en bevorderende factoren. Stel interventies bij indien nodig. 
  • Evalueer aan het eind van de follow-up periode of de doelstelling(en) behaald is/zijn en hoe de verandering geborgd wordt. 

Hoe wordt dit gemeten?

De milieu-impact van de interventie kan worden bepaald door toename in het aandeel klimaatvriendelijke inhalatiemedicatie op basis van poliklinische (start) voorschriften, zie ‘Werkwijze evaluatie van een geneesmiddelinterventie’ en toolkit inhalator.

Wanneer succesvol geïmplementeerd?

Bepaal op basis van de reductie in het aandeel voorschriften van (traditionele) dosisaerosolen ten opzichte van klimaatvriendelijke alternatieven, zoals beschreven in de vorige paragraaf, wanneer de implementatie als succesvol wordt beschouwd, en reflecteer hierbij op het gestelde doel.

Voetnoten

*1: Diverse farmaceutische bedrijven werken aan de ontwikkeling van dosisaerosolen met duurzamere drijfgassen (HFA-152a en HFO-1234ze) (6). Recent zijn de eerste nieuwe formuleringen op de markt gekomen voor Trixeo Aerosphere (combinatietherapie formoterol/glycopyrronium/budesonide) en Riltrava Aerosphere (Budesonide/ glycopyrronium bromide/formoterol) voor de behandeling van COPD (7); naar verwachting volgen er meer.

Bronnen

  1. Stichting Farmaceutische Kengetallen (SFK). 180 000 mensen gebruiken meerdere typen inhalatoren. Pharmaceutisch Weekblad. 2021; PW51/52. 
  2. Wichers IM, Pieters LI. Milieu-impact van inhalatoren in Nederland en wereldwijd. Ned Tijdschr Geneeskd. 2022;166:D6718.
  3. Veldkamp R. Inhalatiemedicatie en overwegingen van milieu-impact in de huisartsenpraktijk. Utrecht: Nivel; 2022.
  4. Zorginstituut Nederland, CAHAG, De Groene Longarts, KNMP, Longfonds, NHG, NVALT, NVK. Transmurale leidraad klimaatbewust voorschrijven van inhalatiemedicatie. 9 april 2025. Beschikbaar via: https://www.zorginstituutnederland.nl/documenten/2025/04/09/transmurale-leidraad-klimaatbewust-voorschrijven-van-inhalatiemedicatie
  5. SFK. Verschuiving van aerosol naar poederinhalator. Pharmaceutisch Weekblad. 2025; 26. Beschikbaar via: https://www.sfk.nl/publicatie/2025/farmacie-cijfers/verschuiving-van-aerosol-naar-poederinhalator.
  6. College ter Beoordeling van Geneesmiddelen. Milieu-impact geneesmiddelen. Farmacotherapeutisch Kompas. [Internet]. Utrecht: Zorginstituut Nederland. Geraadpleegd op: 7 aug 2025. Beschikbaar via: https://www.farmacotherapeutischkompas.nl/farmacologie/milieu-impact-geneesmiddelen 
  7. European Medicines Agency (EMA). First reformulation of an inhaled medicine with an environmentally friendly gas propellant. Amsterdam: EMA; 2024 Feb 23. Geraadpleegd op: 7 aug 2025. Beschikbaar via: https://www.ema.europa.eu/en/news/first-reformulation-inhaled-medicine-environmentally-friendly-gas-propellant 

Resultaten

%

%

%

Bekijk onze andere interventies